Indonesië gaat gestaag door met het kappen van oerbos, ondanks de EU-ontbossingsregels die vanaf volgend jaar ingaan. Sterker nog, in Papua is op dit moment het grootste ontbossingsproject ter wereld gaande. In Merauke wordt oerwoud weggehaald zo groot als driekwart de oppervlakte van Nederland, om palmolie- en suikerrietplantages te kunnen aanleggen.

Palmolie is nog altijd massaal aanwezig in de producten in Nederlandse supermarkten. Volgens Wageningen University zit het in pakweg 40 procent van de zeep, koekjes, soepen en sauzen in de schappen. Daarbij is Nederland de grootste importeur van palmolie in Europa. Palmolie die voornamelijk van de veruit grootste producent op aarde komt: Indonesië.

Het kapgebied in de regio in Zuid-Papua oogt desolaat. Gigantische velden van gedroogde kluiten met hoopjes gekapte boomstronken. En er is pas 43.000 van de geplande 2,3 miljoen hectare gekapt.

Op deze dronebeelden is de omvang van de ontbossing goed te zien:

De kapbedrijven hebben nog niet al het land in handen. Er wonen pakweg 40.000 lokale Papua in het gebied, die al generaties lang van het bos leven. "Dat is een guaveplant. Die verkopen we op de markt", zegt Vincent Pipaloh. "Daar staat een boom, waarvan we de bladeren als groente gebruiken. En hier zie je liaanwortels. Daar maken we medicijnen van."

Het bos dat hij als zijn eigendom zag, was ooit een stuk groter. "Ik had ooit een groot bamboebos. Maar dat is nu weg." Op een kilometer naast zijn kleine bosboerderij wordt een legerbasis gebouwd. Een van de talloze in het zwaar gemilitariseerde Papua. Waar in de rest van Indonesië er 1 agent of militair per 700 burgers aanwezig is, is dat in Papua 1 per 100.

Verdeel en heers

Het leger biedt hulp aan de autoriteiten om het ontbrekende kapland van de Papua te ontnemen, aldus Pipaloh. "De militaire inlichtingendienst is in juni bij me langs geweest." Er was geen confrontatie die dag, maar volgens activiste Tasya Manong was het een helder signaal. "Het is een van de vele manieren waarop de Indonesische machthebbers activisten en lokale Papua intimideren. Iedereen die weerstand biedt tegen de vernietiging van dit leefgebied krijgt ermee te maken."

Indonesische journalisten ontdekten dat lokale overheden inwoners telefonisch proberen te dwingen om handtekeningen te zetten om hun land af te staan. En de palmoliebedrijven proberen volgens Pipaloh ook een wig te slaan tussen familieleden. Door baantjes aan te bieden of rekeningen te betalen. "Zo is er een conflict ontstaan tussen mijn broer en mij", zegt Pipaloh. Een verdeel- en heersstrategie dus.

Volgens de Indonesische overheid is het kapgebied in Zuid-Papua een Strategisch Nationaal Project voor voedsel- en brandstofzekerheid. Iets waar de Papua door banen, goedkoop voedsel en brandstof ook van zouden moeten profiteren. Maar op de sawa's die lokale Papua krijgen als wisselgeld voor hun stuk bos, blijken de landbouwkosten vaak te hoog om genoeg aan de oogst te verdienen. Maar als ze dat ontdekken, is het al te laat.

De lokale overheden doen daar volgens activisten niets aan. "Want de politieke elite verdient zelf mee aan de inkomsten van de palmolie- en suikerrietindustrie." Er is geen hard bewijs dat de lokale bestuurders geld ontvangen, maar actiegroepen bekritiseren de schimmige afgifte van vergunningen en suggereren corruptie. Iets dat op z'n zachtst gezegd niet zeldzaam is in Indonesië.

Wat de Indonesische overheid betreft, sterft het traditionele leven van de bosboeren in Zuid-Papua een stille dood. Een documentaire over het grootste ontbossingsproject op aarde moest in geheime bijeenkomsten getoond worden. Op tientallen van die zogenoemde nobar's werd het leger afgestuurd om de voorstelling tegen te houden.

Dat is ook de reden dat de NOS deze reis zonder vergunning maakte, in de wetenschap dat die vergunning niet afgegeven zou worden. "Ik snap niet waarom internationale media hier niet mogen komen om onze stem te horen", klinkt het bij Pipaloh. Maar activiste Tasya Manong snapt het wel. Zolang de wereld hier niets van weet, zal men er niets aan doen.

Regels moeilijk te handhaven

Vooral met de wetenschap dat de ontbossingsregels van de EU komend jaar ingaan. "Landen moeten stoppen met de import van Indonesische producten waar bos voor wordt gekapt. Vooral ook omdat er mensenrechten voor worden geschonden."

Maar het uitvoeren van die ontbossingsregels zal moeilijk blijken. Dat weet de EU zelf ook. Uit verschillende rapporten komt naar voren dat palmolie uit Papua in Indonesische fabrieken wordt vermengd met palmolie dat binnen de regels valt. Zo is het zeer moeilijk voor importeurs om te ontdekken of ze palmolie binnenhalen waar oerbos voor is gekapt. Het lijkt een van de redenen waarom Indonesië zich veilig acht om bos te blijven kappen voor plantages.

Bron