Vijftien mannen zijn in Sri Lanka schuldig bevonden aan betrokkenheid bij de bomaanslagen op eerste paasdag in 2019. Daarbij kwamen meer dan 260 mensen om het leven, onder wie drie Nederlanders.
In het zwaarbewaakte hof in Colombo stonden 24 verdachten terecht. De rechters hebben veertien mannen schuldig bevonden aan alle 23.270 aanklachten, waaronder moord, samenzwering om terreur te plegen en het in het bezit hebben van vuurwapens en explosieven.
Een verdachte is deels schuldig bevonden aan de aanklachten. De negen anderen zijn vrijgesproken. Geen van de mensen die direct betrokken waren bij de aanslagen zijn nog in leven. De veroordeelde mannen krijgen op een later moment hun straf te horen.
Een van de dodelijkste aanslagen
De zelfmoordaanslagen werden op 21 april 2019 gepleegd op drie kerken en drie hotels verspreid over het land. Bij de terreuraanslagen kwamen ook 42 buitenlanders om het leven en raakten 500 mensen gewond.
De aanslagen werden toegeschreven aan twee Sri Lankaanse extremistische islamitische groepen met banden met terreurgroep IS. De aanslagen werden ook opgeëist door IS.
Samenzwering
Volgens een commissie die onderzoek deed naar de zaak werden de autoriteiten gewaarschuwd door buitenlandse inlichtingendiensten over mogelijke aanslagen maar die waarschuwingen werden genegeerd. De voormalige chef van de inlichtingendienst, Suresh Salley, wordt beschuldigd van het beramen van de terreuraanslagen, schrijft persbureau AFP.
Salley werd in februari opgepakt en de Sri Lankaanse autoriteiten denken dat hij heeft samengewerkt met de aanslagplegers om chaos te zaaien. Doel was volgens de autoriteiten om Gotabaya Rajapaksa naar voor te schuiven als leider.
Rajapaksa kwam enkele maanden na de aanslagen aan de macht maar trad drie jaar later af na grootschalige protesten tegen de regering. Hij komt uit de politieke familie Rajapaksa die al meerdere keren werd beschuldigd van corruptie en nepotisme.
Doodstraf
Een voormalig politiechef en een voormalige topambtenaar van het ministerie van Defensie werden in juli ter dood veroordeeld, omdat ze niet adequaat reageerden op de waarschuwingen van buitenlandse veiligheidsdiensten.
Sri Lanka heeft sinds 1976 geen doodsvonnissen meer uitgevoerd, veroordeelden krijgen een levenslange celstraf.