Er moet "alles op alles" worden gezet om te voorkomen dat de vergunning van vijf Brabantse pluimveehouders wordt ingetrokken. Dat schrijft landbouwminister Van Essen in antwoorden op Kamervragen van BBB-Kamerlid Caroline van der Plas.

De pluimveehouders kregen vorige maand te horen dat de provincie Noord-Brabant hun natuurvergunning wil intrekken, omdat hun bedrijven te veel stikstof uitstoten. Het provinciebestuur trekt die conclusie na een rechterlijke uitspraak in een zaak die werd aangespannen door milieuorganisatie Mobilisation for the Environment (MOB).

Nieuwsuur ging langs bij pluimveehouder Joris van Lierop. Hij is één van de vijf pluimveehouders die zijn vergunning dreigt kwijt te raken. "We hebben plannen gepresenteerd met flinke reductie. Daar is niets mee gedaan":

Het intrekken van de vergunning is nog niet definitief, de ondernemers kunnen op het besluit van de provincie een zienswijze indienen. Van Essen vindt dat de pluimveehouders toch nog de kans moeten krijgen om met nieuwe plannen te komen, bijvoorbeeld door te innoveren of minder dieren te houden op de boerderij.

"Ik vind het belangrijk dat, zeker bij dergelijke zwaarwegende besluiten, een grote mate van zorgvuldigheid wordt betracht", schrijft de minister aan de Kamer. Ook wil hij dat zijn nieuwe stikstofpakket, dat hij in juni aankondigde, wordt meegenomen in de afweging van de provincie. Van Essen wil hiervoor in oktober een spoedwet naar de Kamer sturen.

Om tafel met de provincie

De landbouwminister gaat zelf niet over het uitgeven of intrekken van stikstofvergunningen, dat is aan de provincie. Toch ging Van Essen met het Brabantse provinciebestuur om tafel om de kwestie van de vijf pluimveehouders te bespreken. "Ik vind het belangrijk dat er geen onomkeerbare besluiten genomen worden", is in zijn brief te lezen.

De Brabantse Provinciale Staten komen morgen terug van reces om de kwestie rond de kippenboeren te bespreken.

Bron