China's C919-passagiersvliegtuig heeft vandaag zijn eerste geplande internationale vlucht gemaakt. Het toestel vertrok vanuit Peking en landde ongeveer tweeënhalf uur later in de hoofdstad Ulaanbaatar van buurland Mongolië. Inmiddels is het ook al weer terug in Peking. Het model wordt al jaren gebruikt in het eigen luchtruim, maar is nu voor het eerst de grens over geweest.

De C919 is een middelgroot toestel met één gangpad, bedoeld voor korte en middellange afstanden. Het vliegtuig moet de Chinese tegenhanger worden van de Boeing 737 en de Airbus A320, de twee meest gebruikte vliegtuigtypes ter wereld.

De vlucht is vooral van grote symbolische waarde voor China, dat al decennia probeert een eigen vliegtuigindustrie op poten te zetten waarmee het de concurrentie met het Westen kan aangaan. Hoewel het aantal bestellingen bij de Chinese maker oploopt, is echte concurrentie voorlopig toekomstmuziek.

Bekende strategie

Al meer dan een eeuw streeft China naar een eigen commerciële vliegtuigindustrie, als alternatief voor Boeing en Airbus. Die ambitie is niet alleen economisch, maar ook strategisch: afhankelijkheid van buitenlandse technologie maakt China kwetsbaar voor sancties en exportbeperkingen. Een belangrijke stap kwam in 2008 met de oprichting van Comac, het staatsbedrijf achter de C919.

De manier waarop China dat doet, vertoont parallellen met de aanpak in de auto- of smartphone-industrie: eerst buitenlandse technologie en kennis benutten, vervolgens een eigen toeleveringsketen ontwikkelen en uiteindelijk met de eigen producten, tegen een laag gehouden prijs, de concurrentie aangaan.

Beperkte capaciteit

Maar zover zijn ze voorlopig nog niet, stelt luchtvaartanalist Li Hanming. "Het toestel beschikt nog niet over de certificaten die westerse luchtvaartmaatschappijen vereisen", legt hij uit. "Bovendien produceert het bedrijf voorlopig nog onvoldoende vliegtuigen om de concurrentiestrijd met vergelijkbare toestellen van Airbus of Boeing aan te gaan." Die beperkte productiecapaciteit kent vele oorzaken.

Volgens Brendan Sobie, onafhankelijk luchtvaartconsultant, heeft het er vooral mee te maken dat de productie van het vliegtuig nog "onvoldoende is gelokaliseerd". Ondanks miljardeninvesteringen is China voorlopig nog sterk afhankelijk van westerse technologie. De C919 is daar een goed voorbeeld van. Zo'n acht jaar duurde de ontwikkeling van het vliegtuig, waarvan het eerste model in 2015 van de band rolde.

"China had de productie, certificering en kwaliteit al veel eerder willen opschalen, maar door allerlei tekorten wereldwijd is dat niet gelukt", legt Sobie uit. "Van motoren tot losse onderdelen en arbeid, overal zijn tekorten."

Buitenlandse afhankelijkheid

In aanloop naar de inhaalslag heeft China wel een enorm voordeel: de eigen markt. Chinese luchthavens verwerkten vorig jaar 1,5 miljard passagiersbewegingen. Dat biedt Comac zowel de mogelijkheid om de C919 op grote schaal te testen als toegang tot een gigantische afzetmarkt. De Chinese vloot is namelijk aan vernieuwing toe en Chinese luchtvaartmaatschappijen doen massaal bestellingen bij Comac.

Hoewel de internationale vlucht van de C919 een belangrijke mijlpaal is voor de Chinese luchtvaartontwikkeling, is het model nog niet volledig Chinees, benadrukt zowel Li als Sobie. Zo zijn de motoren van Amerikaanse en Franse makelij. China blijft daarmee afhankelijk van buitenlandse technologie en toeleveranciers.

Hoe kwetsbaar die afhankelijkheid kan zijn, werd in 2025 zichtbaar toen de spanning tussen China en de Verenigde Staten opliep. De Amerikaanse regering schortte tijdelijk de exportvergunningen voor technologie aan Comac op. De gevolgen waren direct zichtbaar in de productie: het bedrijf wilde vorig jaar 75 C919's afleveren, maar kwam niet verder dan 15. Later deed China zelf het gebruik van sommige Boeing-onderdelen in de ban.

Wederzijds belang

Toch verwacht Sobie geen verregaande ontkoppeling van de Chinese en westerse luchtvaartindustrie, ongeacht de handelsspanningen. "Dit vliegtuig mag dan veel Westerse technologie bevatten, Airbus en Boeing importeren ook veel benodigdheden uit China", legt hij uit. De ontwikkeling van de drie bedrijven is volgens Sobie dan ook niet los van elkaar te zien.

Wel moet het Westen goed blijven opletten volgens Li: "Ondanks de tegenslagen werkt China standvastig door aan binnenlandse alternatieven en bereidt het zich voor op een mogelijke ontkoppeling. Totdat ze de juiste westerse certificering hebben, zullen ze voorzichtig opereren." Volgens experts kan die westerse certificering nog wel een paar jaar duren. Tot die tijd zal het Chinese vliegtuig alleen tegen de Aziatische lucht te zien zijn.

Bron