De beroepsvereniging van gynaecologen (NVOG) hoopt dat meer ziekenhuizen in Nederland een gevoelig type abortus gaan uitvoeren. Het gaat om de afbreking van zwangerschappen tussen de 22ste en 24ste week. Abortussen tot 24 weken zijn in Nederland toegestaan, maar zijn maar in een beperkt aantal ziekenhuizen mogelijk.
Volgens de artsen is regionale spreiding noodzakelijk om de zorg toegankelijk te houden. In een verklaring schrijft de NVOG dat verschillende ziekenhuizen overwegen mee te doen aan een proef om de late abortussen uit te voeren.
Het UMCG in Groningen is een van de weinige ziekenhuizen die de zorg al aanbiedt en stelt dat de emotionele en fysieke druk groot is. "Een late abortus is emotioneel heel moeilijk, ook voor onze zorgverleners. Het went nooit. Daarom moeten we dit werk beter verdelen", zegt Sanne Gordijn, hoofd verloskunde in het UMCG.
Vanwege de beperkte mogelijkheden in Nederland wijken sommige vrouwen nu noodgedwongen uit naar Spanje, Groot-Brittanniƫ of sommige staten in de VS. "De NVOG verkent daarom of en hoe ook andere grote ziekenhuizen hun deel van deze zorg kunnen gaan dragen", zegt Gordijn.
Proef
Het OLVG in Amsterdam is een van de ziekenhuizen die overwegen mee te doen aan een proef waarbij zwangerschappen tussen de 22ste en 24ste week worden afgebroken vanwege een 'sociale indicatie'. De zwangerschap is dan bijvoorbeeld ongewenst of ongepland.
Berichtgeving over de proef leidde medio juli tot onrust, schrijft RTV Noord. Volgens Gordijn van het UMCG dachten mensen onterecht dat de regels rond late abortussen zouden veranderen. "Herverdeling van deze zorg betekent niet dat er iets verandert aan het huidige beleid", benadrukt ze.
Een late abortus gebeurt altijd in een ziekenhuis vanwege de medische risico's van een langere zwangerschap. "Na 22 weken is het risico op medische problemen zo groot dat deze zorg wordt begeleid in een ziekenhuis", zegt Gordijn.
Goede zorg belangrijk
Het UMCG benadrukt het belang van goede en zorgvuldige zorg voor zwangere vrouwen die in een moeilijke situatie verkeren. Volgens Gordijn denken vrouwen heel goed na over de beslissing over een abortus.
Samen met de zwangere bespreken zorgverleners en medisch maatschappelijk werkers de situatie en de vervolgstappen. Ze praten daarbij ook over andere keuzes, zoals adoptie. Ook is er psychologische hulp mogelijk.
"De indicatie voor een zwangerschapsbeƫindiging is veelal een combinatie van allerlei factoren. Daarbij staat de nood van de zwangere voorop. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen medische en niet-medische indicaties", zegt Gordijn.
Het UMCG wil deze zorg dan ook blijven bieden. "Voor ons staat voorop dat vrouwen die voor deze zorg in aanmerking komen, altijd tijdig toegang hebben tot passende en zorgvuldig georganiseerde zorg", aldus Gordijn.
Enkele honderden
In 2024 werden in Nederland ruim 39.000 abortussen uitgevoerd. 331 daarvan vielen volgens het ministerie van Volksgezondheid tussen de 22ste en 24ste week.