De asbeststrafzaak tegen bouwmaterialenbedrijf Eternit kan doorgaan bij de rechtbank. De Overijsselse onderneming had gevraagd om de zaak naar de Hoge Raad te sturen, omdat de zaak verjaard zou zijn. Dit verzoek is door de rechtbank afgewezen.
Het Openbaar Ministerie besloot vorig jaar het bedrijf uit Goor strafrechtelijk te vervolgen voor doodslag en dood door schuld. De strafzaak komt voort uit een aangifte van het Comité Asbestslachtoffers in 2019.
Volgens het OM is bewezen dat drie mensen ziek zijn geworden nadat het bedrijf hen willens en wetens had blootgesteld aan de ernstige gezondheidsrisico's van asbest.
Verzoek Eternit
Tijdens de eerste voorbereidende zitting stelde de verdediging van Eternit in een bezwaarschrift dat eerst duidelijk moest worden of de feiten niet waren verjaard. De verdediging verzocht om de Hoge Raad eerst grondig te laten kijken naar de mogelijke verjaring.
De slachtoffers die op de aanklacht van het Openbaar Ministerie staan,zijn al in 1993, 1994 en 2014 overleden, waarbij één van hen al in 1946 in dienst is gekomen bij Eternit."In deze gevallen is het moment van de vergiftiging onmogelijk te achterhalen", stelde de verdediging destijds.
'Niet verjaard'
De rechtbank veegt dit argumentvan tafel. Volgens de rechters is het verjaringstermijn van doodslag een aantal keer verlengd, waardoor alle drie gevallen binnen de verjaringstermijn vallen. Bovendien kan doodslag tegenwoordig door een wetswijziging niet meer verjaren.
Er is volgens de rechters geen reden om de behandeling van de strafzaak voorlopig stop te zetten of de Hoge Raad om een oordeel te vragen. Dat betekent dat de rechtbank de strafzaak tegen Eternit dus zelf verder kan behandelen.
De zaak gaat door met een zogenoemde regiezitting. Daarop kunnen Eternit en het OM aangeven of er nog dingen zijn die zij onderzocht willen hebben.
Comité Asbestslachtoffers blij met oordeel
Advocaat van Eternit Borel Rinkes laat aan RTV Oost weten de beslissing van de rechtbank "niet te kunnen volgen". "Tijdens de vorige zitting hebben wij op een duidelijke manier de wetsgeschiedenis naar voren gebracht. De rechtbank wijkt hier nu van af."
Bestuurslid van het Comité Asbestslachtoffers Bob Ruers is "zeer blij" met het oordeel van de rechtbank. "Mocht dit verzoek zijn toegewezen, was er wederom enorme vertraging opgelopen. Het is fijn dat de rechtbank duidelijk is."
Het Comité Asbestslachtoffers heeft er goede hoop op dat het de strafzaak wint. "We hebben ontzettend veel bewijsmateriaal aangedragen in dit dossier. Daarom denk ik dat het proces tot een goed einde kan worden gebracht", aldus Ruers.
Het is nog niet bekend wanneer de zaak inhoudelijk behandeld wordt.