Bomen bieden ons met dit warme weer op allerlei manieren verkoeling: een schaduwplek in het park en schone lucht om in te ademen. Of ze dat in dezelfde mate blijven doen, is de vraag, want veel bomen hebben het moeilijk.
Staatsbosbeheer ziet momenteel dat de fijnspar, die veel is aangeplant op zandgrond die wat hoger ligt, afsterft. Die bossen hebben relatief veel last van de droogte. Dat komt doordat de boom door de hitte minder hars aanmaakt, waardoor insecten makkelijker hun weg de stam in kunnen vinden en de boom kunnen aantasten.
Ook beuken hebben het moeilijk. Ze laten nu al hun blad vallen, om meer water te kunnen vasthouden. Daarmee lijkt het alsof de boom al aan de herfst is begonnen.
Dat zal de komende jaren terug te zien zijn in het straatbeeld. "Binnen vijftig jaar zullen bomen in een stedelijke omgeving het wereldwijd niet overleven", verwacht Marc Ravesloot van CSI Trees, een onderzoeksproject van Wageningen University & Research. Vanwege hogere temperaturen hebben de stadsbomen last van onder andere droogte, een toenemend zoute ondergrond en te weinig ruimte voor de wortels.
Hartslag van de boom meten
Boomtechnisch adviseur Joost Verhagen maakt onder de noemer 'Boominee' een podcast over de impact van klimaatverandering op bomen en hij brengt in kaart met welke bomen het slecht gesteld is.
Dat doet hij met een zogenoemde dendrometer, die met sensoren aantoont hoeveel de boom 's nachts uitzet. "Hiermee meet je als het ware de hartslag van de boom", zegt Verhagen.
"Voor het menselijke oog is het onzichtbaar, maar een boom wordt 's nachts een beetje dikker door het opnemen van water. Als een boom dus weinig uitzet, neemt hij minder water op. Daarmee zie je dat een boom last heeft van droogte. De volgende stap is: hoe kunnen we voorkomen dat bomen uitvallen? En welke boomsoorten zijn straks nog geschikt om te planten?''
Ook de mens kan bomen helpen, maar geef ze niet te veel water, want dat is schadelijker dan een tekort, zegt de expert:
Genoeg bomen om je heen zorgt voor ontspanning en vergroot het leervermogen. Dat stelde Cecil Konijnendijk, onderzoeker en adviseur bij het Natured Bases Solutions Institute en buitengewoon hoogleraar aan de Universiteit van British Columbia in Vancouver, Canada, in 2021.
Standaard: de 3-30-300 regel
Hij kwam met de 3-30-300 regel. Die houdt in dat mensen vanuit hun woning drie volwassen bomen moeten kunnen zien, dat 30 procent van elke buurt bedekt moet zijn met boomkronen (een bladerdak) en dat binnen een straal van 300 meter een park of ander openbaar groengebied moet zijn, waar mensen naartoe kunnen.
Inmiddels is die regel de standaard geworden voor het groenbeleid van gemeenten. Dat merkt ook boomkwekerij Udenhout, die zo'n 600.000 bomen kweekt. Omdat gemeenten moeten vergroenen, rinkelt de kassa bij het bedrijf.
"We kweken sinds twee jaar klimaatbestendige bomen, zoals acacia's en honingbomen. Die kunnen beter tegen de droogte en zijn ideaal voor de stad", zegt verkoopmanager Corné Leenders. "Waar een bomenrij vroeger eenheidsworst was, zie je nu dat meer verschillende bomen naast elkaar worden geplant als risicospreiding, zodat niet alle bomen bij een langere periode van natheid of droogte doodgaan."
Bomen in het klimaatakkoord
In het klimaatakkoord dat sinds 2020 van kracht is, is afgesproken dat in 2030 in Nederland 10 procent meer bos moet zijn bijgeplant, wat neerkomt op het planten van 20 miljoen bomen per jaar.