Op Schiphol zijn vandaag 42 Palestijnen uit Gaza aangekomen. Zij hadden al maanden geleden een werk- of studievisum voor Nederland gekregen, maar kregen lange tijd geen hulp van de Nederlandse overheid om de reis uit Gaza mogelijk te maken.

Het gaat om drie mensen met een werkvisum, 21 studenten en 18 meereizende gezinsleden. NOS-verslaggever Sander van Hoorn zag dat sommige Palestijnen op Schiphol werden opgewacht door familieleden die eerder uit Gaza waren vertrokken. Hij spreekt van een "emotioneel weerzien", maar velen vonden het ook moeilijk om hun familieleden in Gaza achter te laten.

Begin deze maand werd bekend dat Nederland de groep actief zou helpen bij het verlaten van Gaza. Voor het organiseren en coördineren van de reis naar Jordanië, waar de reizigers hun papieren persoonlijk moesten ophalen, voelde Nederland zich aanvankelijk niet verantwoordelijk. Het kabinet stelde dat het niet verder hoefde te gaan dan het aanvragen van toestemming bij de Israëlische autoriteiten.

Koerswijziging

De koerswijziging volgde na weken van discussie. Onder meer universiteiten die de studenten zouden ontvangen, drongen aan op hulp. Ook liepen er juridische procedures over de vraag welke verantwoordelijkheid de Nederlandse overheid heeft bij het vertrek van de Palestijnen uit Gaza.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken concludeerde dat het niet ging om een volledige evacuatie, maar om diplomatieke ondersteuning die nodig was om de reis uit Gaza mogelijk te maken. Daarbij is samengewerkt met onder meer andere landen en hulporganisaties.

De reis verliep via Israël en Jordanië. Vanuit Gaza werden de Palestijnen eerst naar de grens met Israël gebracht. Vervolgens reisden zij via Jordanië naar Nederland.

Bron