Kwetsbare ouderen, vaak met dementie, die hun heup breken hoeven in de toekomst wellicht niet meer naar het ziekenhuis.
Een kleine groep artsen gespecialiseerd op het gebied van pijnbehandeling (anesthesiologen) bespaart nu al patiënten in delen van het land een uiterst pijnlijke ambulancerit naar het ziekenhuis en behandelt ze in de eigen woonomgeving.
Dit jaar start het Amsterdam UMC een studie waarin wordt onderzocht hoe meer ziekenhuizen deze zorg in het hele land kunnen bieden.
Nienke Hendriks, specialist ouderengeneeskunde bij ZorgSpectrum, een zorgorganisatie in onder meer Nieuwegein, is enthousiast over de nieuwe benadering. Het risico dat haar patiënten bij een val hun heup breken is relatief groot. De intense pijn die daarop volgt is voor iedereen een aanslag, maar zeker voor mensen met dementie. De ambulancerit naar het ziekenhuis en het overgeheveld worden van brancard naar bed maken de breuk extra pijnlijk.
Sinds ruim een jaar komt voor de patiënten van Hendriks een anesthesioloog vanuit het nabijgelegen St. Antonius Ziekenhuis snel langs. Die kan de diagnose bevestigen en neemt dan de pijn grotendeels weg met een speciale, langdurige verdoving die maandenlang effectief is.
"Dus die uiterste pijnlijke rit in de ambulance naar het ziekenhuis is niet meer nodig en overhevelen van brancard naar bed blijft ze bespaard." zegt Hendriks.
Slimmer samenwerken om zorg overeind te houden
Het aantal ouderen dat zorg nodig heeft zal komende decennia alleen maar toenemen. Ondertussen groeit het personeelstekort in de zorg. Daarom werd in 2022 het Integraal Zorg Akkoord gesloten waarin is afgesproken dat zorgverleners vanuit alle disciplines bekijken hoe ze beter kunnen samenwerken om zo het schaarse zorgpersoneel gerichter in te zetten.
Dat ambulances en ziekenhuizen veel minder kwetsbare ouderen met een heupbreuk moeten opnemen, terwijl de zorg verbetert, is een gevolg van deze benadering.
Een heupoperatie, die voorheen als de beste behandeling tegen pijn werd gezien, wordt sinds enkele jaren na overleg tussen patiënt, familie en behandelaren niet altijd meer uitgevoerd. Bijvoorbeeld wanneer de operatie niet bijdraagt aan de kwaliteit van leven of die juist verslechtert. Dat is vaak het geval bij erg oude patiënten met vergevorderde dementie.
Uit onderzoek blijkt dat een aanzienlijk aantal van deze kwetsbare patiënten na de operatie complicaties ontwikkelt of zelfs relatief snel overlijdt. Tegelijkertijd is er ondanks de operatie nog veel pijn.
Zo'n pijnlijke laatste levensfase hoeft niet meer met de zogeheten PENG-behandeling, de eerder genoemde speciale verdoving die tot wel zes maanden effectief kan zijn. Hendriks: "Mensen leven na een heupbreuk vaak nog enkele weken tot maanden, maar ervaren een veel betere kwaliteit van leven omdat ze nauwelijks pijn hebben en helder zijn. Bijvoorbeeld omdat ze ook veel minder morfine nodig hebben. En dat voorkomt ook weer verwardheid bij deze mensen."
"Dit kun je dus echt gepaste zorg noemen", zegt Lennart Wasmoeth, de anesthesioloog van het St. Antonius Ziekenhuis die regelmatig met Hendriks samenwerkt. "Want het is niet alleen vele malen prettiger voor de patiënt, in het grotere plaatje wordt de zorg veel efficiënter."
Ambulances komen vrij voor andere patiënten die wél baat hebben bij een ziekenhuisbezoek. Daarnaast komen meer bedden in het ziekenhuis beschikbaar.
Landelijk onderzoek
Andere ziekenhuizen hebben daarom ook belangstelling voor dit concept. Maar er zitten wel personele en organisatorische haken en ogen aan. Tot nu toe bieden nog maar enkele ziekenhuizen deze optie als reguliere zorg, waaronder ook het Amsterdam UMC.
De anesthesioloog die in dit academisch ziekenhuis als pionier geldt, David Brinkman, coördineert een landelijk onderzoek over welke manieren mobiele pijnteams bijvoorbeeld ook in kleinere ziekenhuizen kunnen worden ingezet en voor andere medische problemen dan een gebroken heup.
"Grotere ziekenhuizen zoals een academisch ziekenhuis hebben het qua beschikbaar personeel vaak makkelijker om een anesthesioloog buiten het ziekenhuis in te zetten. Voor de kleinere streekziekenhuizen met een klein team anesthesiologen is dat lastiger", vertelt Brinkman. "Dat is één van de belangrijkere belemmeringen waar we een oplossing voor moeten vinden. Daarvoor moeten we ook met de zorgverzekeraars om tafel."