In Duitsland is op 91-jarige leeftijd Hasso Herschel overleden. Hij zat in de Koude Oorlog letterlijk bij het ondergrondse verzet tegen de DDR: hij hielp via een tunnel mensen vluchten naar West-Berlijn.
"Het is het beste dat ik ooit in mijn leven heb gedaan, omdat we er 100 procent zeker van waren dat we het juiste deden", keek hij ooit zelf terug op het gewaagde project.
Herschel raakte snel na de bouw van de Muur betrokken bij een plan om geliefden naar het westen te smokkelen. De DDR had met de zegen van de Sovjet-Unie in 1961 de grens tussen Oost-Berlijn en West-Berlijn hermetisch afgesloten, om een leegloop te voorkomen.
In de jaren daarvoor waren honderdduizenden DDR-burgers via de open grens in Berlijn naar de Bondsrepubliek vertrokken. Plotsklaps werden gezinnen van elkaar gescheiden door prikkeldraad, grenswachten en al snel beton.
Pact
Herschel zelf wist nog met een geleend Zwitserse paspoort illegaal de grens over komen. Hij was met geliefden een pact aangegaan dat degene die de vrijheid zou weten te bereiken, zich zou inspannen de anderen te bevrijden. Herschel wilde vooral zijn zus laten overkomen: hij besloot zich niet meer te scheren tot dat gelukt was.
Enkele maanden na het begin van de bouw van de Berlijnse Muur deed zich al een eerste kans voor. Herschel werd gevraagd mee te helpen bij de aanleg van een tunnel. Vanuit een fabriekje in West-Berlijn aan de Bernauer Straße zou die onder niemandsland door naar een kelder in Oost-Berlijn lopen, 135 meter verderop.
Samen met zijn team stal hij kruiwagens, scheppen en hamers van een begraafplaats om aan het werk te kunnen. Later vonden ze een bron van inkomsten: tegen betaling lieten ze de Amerikaanse zender NBC opnames maken van de werkzaamheden.
Terwijl boven hen een Todesstreifen werd aangelegd, een gebied waar DDR-wachten zonder pardon vluchtende landgenoten doodschoten, werkte het team week na week acht uur per dag aan de verborgen vluchtroute. Ze bedachten een systeem om snel aarde te kunnen afvoeren, legden verlichting aan en zorgden voor luchtverversing.
Toen een keer een waterleiding werd geraakt, werd het West-Duitse waterbedrijf in vertrouwen genomen om het lek te repareren. Dat lukte in het geheim, maar het was te nat om te werken in de tunnel. Herschel en zijn medestanders sloten zich daarom aan bij een ander tunnelproject.
Verraad
Het liep uit op een deceptie: door verraad stonden Stasi-agenten de tunnelaars op te wachten toen ze bovengronds kwamen. Alleen omdat die agenten door een misverstand dachten dat het team zwaarbewapend was konden Herschel en zijn maten wegkomen. De mensen die ze hadden willen laten vluchten, werden wel gearresteerd.
Herschel richtte zich daarna weer op de oorspronkelijke tunnel, die inmiddels wat was opgedroogd. Op 14 en 15 september 1962 kon de reddingsoperatie plaatsvinden. "Ik verzekerde me ervan dat niemand ons stond op te wachten. Na 10 minuten kwamen de eerste vluchtelingen en 10 minuten later nog een groep, onder wie mijn zus."
Tijd was er niet om uitgebreid bij te kletsen na ruim een jaar gescheiden te zijn geweest. "Het was een korte omhelzing en een kus en hup de tunnel in." De naam die later aan het project werd gegeven, verwees naar het aantal mensen dat zo de DDR ontsnapte: Tunnel 29.
Pasgeboren baby
De 29 mensen hadden elk zo'n 12 minuten nodig om de 135 meter lange tunnel door te komen. Onder hen waren naast Herschels zus Anita ook enkele kinderen, zoals de pasgeboren zoon van een van de gravers.
Uiteindelijk werd de tunnel door grondwater weer onbegaanbaar en liep de reddingsactie ten einde. In totaal werd tijdens de Koude Oorlog zo'n zeventig keer geprobeerd ondergronds mensen weg te smokkelen, slechts negentien keer slaagde men daar daadwerkelijk in.
Herschel richtte zich na dit succes op andere projecten om mensen uit de DDR te krijgen. Zo financierde hij het ombouwen van auto's om verborgen schuilplekken te maken. In totaal zou hij zo tot in de jaren 70 circa duizend mensen hebben gered. De route van Tunnel 29 is tegenwoordig bovengronds deels uitgestippeld in een herdenkingspark.