De overheid weet vaak al wie hulp nodig heeft, maar komt te laat of helemaal niet in actie om hen te helpen. Doordat regelingen vaak ingewikkeld zijn, missen burgers de ondersteuning waar zij recht op hebben, concludeert de Nationale ombudsman in het jaarverslag over 2025.

De zorgen zijn niet nieuw. In april liet de Nationale ombudsman zich al kritisch uit over het voornemen van het kabinet om te besparen op het proactief benaderen van mensen die recht hebben op een bijstandsuitkering. Die bezuinigingen zijn inmiddels teruggedraaid.

De Nationale ombudsman, de Kinderombudsman en de Veteranenombudsman ontvingen vorig jaar 25.000 klachten en signalen. "Sinds ik ombudsman ben, is het al alle jaren hetzelfde. Nummer één: ik krijg een bericht van de overheid en ik begrijp het niet. En nummer twee is: ik krijg geen contact met de overheid", vertelt Van Zutphen. "Dat betekent die responsiviteit, een overheid die vanuit zichzelf enorm zijn best doet - dat lukt nog steeds niet."

Gebrek aan initiatief

Het gebrek aan actie vanuit de overheid komt volgens ombudsman Van Zutphen niet doordat er onvoldoende informatie is over welke burgers hulp nodig hebben. Volgens de Ombudsman is het een keuze: "Er zijn al heel veel rapporten over geschreven. De overheid weet al heel lang wat er moet gebeuren. Soms is het geldgedreven, omdat ze moeten bezuinigen. Dan gaan ze ervan uit dat niet iedereen die aanspraak mag maken op iets, zich ook meldt. Er zit een soort idee achter, dat als mensen het nodig hebben, ze zich wel melden."

Als voorbeeld noemt Van Zutphen het Tijdelijk Noodfonds Energie. Dat fonds werd vorig jaar voor de derde keer opengesteld en was bedoeld om huishoudens met een lager inkomen en een relatief hoge energierekening te helpen. "Daarvoor moet je weer digitaal vaardig zijn, je kan het alleen met je DigiD aanvragen. Degenen die het hardst nodig hebben, die komen niet aan de beurt."

Onnodig in de problemen

Door het gebrek aan initiatief vanuit de overheid komen burgers volgens de ombudsman soms onnodig in de problemen. "Dat betekent dat ze een hele moeilijke financiële positie hebben. Met gevolgen voor hun gezin, voor de kinderen. We weten ook allemaal dat gezondheid bij deze groep zich te wensen overlaat. Het heeft een enorme impact op mensen."

Tegelijkertijd ziet de ombudsman ook dat er organisaties en gemeenten zijn die burgers wel proactief benaderen. Bijvoorbeeld door hen te informeren over de regelingen waar ze gebruik van kunnen maken of hen die hulp automatisch te bieden. Dat gebeurt echter nog niet op grote schaal.

Volgens Van Zutphen is het belangrijk dat de muurtjes bij de overheid dan verdwijnen. "Als je dat gescheiden houdt, is het heel moeilijk om alles bij elkaar te brengen. Dat is het echt een voorwaarde om te komen tot die proactiviteit. De organisatie van de overheid moet zo ingericht zijn, dat ze weten wat er speelt in een huishouden en in een gezin."

Bron