De hongersnood in Gaza door de Israëlische blokkade heeft een grote invloed gehad op de gezondheid van zwangere vrouwen en baby's. Dat blijkt uit onderzoek van de internationale hulporganisatie Artsen zonder Grenzen. En de situatie is nog steeds precair, waarschuwt AzG.
Zwangere vrouwen, vrouwen die borstvoeding gaven en baby's tot zes maanden hebben grote gezondheidsschade opgelopen tijdens periodes van zware aanvallen en voedseltekorten, zoals midden vorig jaar. Toen waren inwoners afhankelijk van de Gaza Humanitarian Foundation. Mensen die daar eten kwamen halen, werden dagelijks beschoten.
Veel kinderen werden te vroeg geboren of stierven jong doordat zwangere vrouwen ondervoed waren, er waren veel miskramen en een groot aantal baby's moest voor ondervoeding worden behandeld, constateert AzG. De gegevens komen van vier klinieken in Gaza tussen eind 2024 en begin 2026.
Zo was er in mei vorig jaar al maanden bijna geen eten in Gaza:
"Meer dan de helft van de zwangere vrouwen die bij onze klinieken kwamen, had op enig moment tijdens de zwangerschap last van ondervoeding", zegt Karel Hendriks, directeur van AzG Nederland tegen de NOS. "90 procent van hun baby's werd te vroeg geboren en 84 procent had een te laag geboortegewicht."
"De sterfte bij pasgeborenen was twee keer zo hoog onder baby's van ondervoede moeders als onder baby's van gezonde moeders."
Levenslange gevolgen
De hulporganisatie legt een directe link met de Israëlische blokkade van hulpgoederen en aanvallen op de infrastructuur, waaronder medische voorzieningen. Daardoor ontstond onveiligheid, moesten mensen (opnieuw) vluchten, was er beperkte toegang tot hulp, waren er te weinig levensmiddelen en was er een gebrek aan medische zorg. Dat had verstrekkende gevolgen voor de zorg voor zwangere vrouwen en pasgeboren baby's.
"Kinderen die ondervoed ter wereld komen, hebben een zeer verhoogd risico op groei- en ontwikkelingsachterstanden", zegt Hendriks. "We zullen dus nog vele jaren de naweeën zien van het feit dat er zoveel hulp en voedsel bewust tegengehouden is de afgelopen tijd."
Tussen januari 2024, toen de eerste gevallen van ondervoeding aan het licht kwamen, en februari van dit jaar behandelde AzG zo'n 4000 kinderen jonger dan 5 jaar voor acute ondervoeding. Ook werden ruim 3300 zwangere vrouwen en moeders die borstvoeding gaven behandeld.
AzG waarschuwt dat de situatie nog niet veel is verbeterd, ondanks het zogenaamde staakt-het-vuren dat in oktober werd afgekondigd. Volgens Hendriks is de honger niet zo extreem als voorheen, maar heeft niet iedereen altijd genoeg te eten. Daarnaast is de werkloosheid 80 procent en is er nauwelijks een functionerende economie, zegt hij.
Grenzen moeten open
"We hebben in het eerste kwartaal van dit jaar nog steeds 400 kinderen moeten opnemen vanwege ondervoeding", legt Hendriks uit. "Dus ook in 2026, ook nu nog na dat staakt-het-vuren, zien we in de hulpverlening van AzG veel ondervoede kinderen. Een derde daarvan met de meest ernstige vorm van acute ondervoeding."
De organisatie roept Israël op om onmiddellijk de onmisbare mensen en middelen toe te laten. "Sinds 1 januari hebben onze internationale medewerkers geen toegang meer tot de Palestijnse gebieden en hebben we geen nieuwe bevoorrading binnen kunnen brengen."
"Alles wordt tegengehouden. Er zijn wel ongeveer 1200 Palestijnse medewerkers in de verschillende delen van de Gazastrook die het werk proberen voort te zetten. Dat doen ze onder steeds heftigere beperkingen en met steeds minder middelen."
Het eerste wat er moet gebeuren is volgens Hendriks het openen van de grenzen, zodat iedereen gezond voedsel, schoon drinkwater en andere basisbehoeften kan krijgen. "De hele humanitaire gemeenschap staat klaar om dat te doen, ook de vele organisaties voor wie de toegang nu ingeperkt is. Dus dat is de eerste stap."