De drie regeringspartijen zijn het onderling niet eens over het opvoeren van de druk op Israël. D66 en het CDA vinden dat Israël de mensenrechten schendt door hun aanvallen op Libanon, de uitbreiding van nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever en de pas aangenomen doodstrafwet.
De twee regeringspartijen denken dat het kabinet daarom binnen Europa moet kijken of het handelsdeel van het zogenoemde EU-Israël-associatieakkoord kan worden opgeschort. Maar de derde coalitiepartij VVD is daar tegen, zo bleek vanavond bij de stemming na een debat over het Midden-Oosten.
De VVD wil Israël op dit moment niet hard veroordelen. "Omdat wij niet de behoefte hebben om nu publiekelijk een land te gaan veroordelen dat we zien als een belangrijke bondgenoot", zo zei VVD-Kamerlid Maes toen haar werd gevraagd naar haar oordeel over de bouw van 34 nederzettingen.
Het leidde tot verbijstering onder enkele oppositiepartijen, zoals GroenLinks-PvdA, SP, Partij voor de Dieren, Volt en Denk. "Ik weet niet wat ik hier meemaak", zei GroenLinks-PvdA-Kamerlid Piri, omdat dit voor de Nederlandse politiek "tot nu toe een rode lijn" was. Kamerlid Teunissen van de Partij voor de Dieren vond de opstelling van de VVD "weerzinwekkend".
Kopgroep
De zorgen in de Tweede Kamer over de recente acties van Israël zijn groot en daarom moet Nederland de druk op het land opvoeren, vinden partijen als D66, CDA, GroenLinks-PvdA, SP, Partij voor de Dieren, Denk, Volt en Forum voor Democratie.
Regeringspartij D66 kwam met het verzoek aan het kabinet om binnen de EU een kopgroep te vormen die pleit voor de opschorting van het handelsdeel van een Israël-EU-verdrag. Dit treft Israëlische bedrijven, omdat reguliere handel dan wordt gestopt. Tijdens de Gaza-oorlog heeft de EU dit drukmiddel ook gebruikt en hoewel het succes daarvan niet gemakkelijk is aan te tonen, denken veel Nederlandse politieke partijen dat misschien effect kan hebben.
D66-Kamerlid Van der Werf zegt dat haar partij vanwege de bouw van de illegale nederzettingen, de doodstrafwet en het "tekeergaan" in Libanon tot de "optelsom" is gekomen dat er handelsmaatregelen moeten komen. Het CDA pleit ook voor "aanvullende stappen", maar dan moet er in Europa wel draagvlak voor zijn.
Instrument
Minister Berendsen van Buitenlandse Zaken begrijpt het verzoek van de partijen, omdat het een instrument is om de druk van Israël op te voeren. Maar er moet wel brede steun zijn in Europa, anders werkt het niet, zo maakt de minister duidelijk.
Het voorstel van D66 voor de handelsdruk is aangenomen door een meerderheid van de Kamer, mede door de steun van Forum voor Democratie. De minister zal er dus mee aan de slag moeten in Brussel.
Berendsen vindt dat Nederland vooral via diplomatieke weg moet proberen Israël te stoppen. Het op het matje roepen van de Israëlische ambassadeur, zoals oppositiepartij Denk wil, heeft niet zo'n zin. "Soms zijn harde woorden intern effectiever en impactvoller", aldus Berendsen. "Zo kun je ook boodschappen overbrengen en dat zijn geen gemakkelijke gesprekken."
Oppositiepartijen SGP, JA21, de Groep-Markuszower zijn tegen handelsbeperkingen. "Je voert geen sancties in tegen je bondgenoot", vindt SGP-leider Stoffer. JA21-Kamerlid Hoogeveen vreest de economische kosten. "Wat gaat dat het Nederlandse bedrijfsleven wel niet kosten?", wil hij van de minister weten.
Lees hier over de actuele situatie in het Midden-Oosten in het liveblog: