Minister Vijlbrief (Sociale Zaken) wil het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof) tegen het licht houden. Hij start een onderzoek naar de werking van het fonds na grote kritiek van werkgevers, werknemers en ook Tweede Kamerleden. Zij vinden dat met de reserves uit het fonds geen andere dingen mogen worden gefinancierd.

Afgelopen jaren verhoogden verschillende kabinetten de arbeidsongeschiktheidspremie om andere gaten op de begroting te dichten. De reserves in het fonds liepen daardoor op tot 39 miljard euro. Toch wil het huidige kabinet de premie nog verder verhogen.

"Je moet uitkijken dat het draagvlak voor het stelsel vervalt", zei Vijlbrief in een commissiedebat met Tweede Kamerleden. "Daarom denk ik dat het verstandig is om transparant te zijn over hoe de relatie tussen de premie en uitkering ligt en wie er zeggenschap over heeft."

'Premie is een melkkoe'

Kritische Tweede Kamerleden noemden de premie in het debat "verkapte loonbelasting" en "een melkkoe". ChristenUnie-Kamerlid Don Ceder maakte een vergelijking met een verzekeraar "die woekerpremies rekent, de premie verder verhoogt en intussen de polis versobert".

Vijlbrief vindt ook dat de arbeidsongeschiktheidspremie nu als een soort belasting wordt gebruikt. "De vraag is: is dat gewenst?", zo vroeg hij zich openlijk af. "Of wil je terug naar een systeem waarbij er veel meer een koppeling is tussen uitkering en lasten, en waar er ook veel meer zeggenschap zou kunnen zijn voor werkgevers en werknemers?"

'Geen gratis pot met geld'

Meerdere partijen vinden het extra pijnlijk dat het kabinet heeft voorgesteld om het mes te zetten in de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, terwijl de reserves zo groot zijn. "Net als de verhoging van de AOW-leeftijd gaat dit niet lukken", zo dreigde onder meer Edgar Mulder van de PVV.

Vijlbrief waarschuwde de Kamerleden dat het fonds geen "gratis pot met geld is". De arbeidsongeschiktheidspremie is één van de inkomsten van het rijk, waarmee andere zaken zijn gefinancierd. Het verlagen van de premie betekent volgens Vijlbrief dat het begrotingstekort stijgt, waardoor Nederland in principe niet meer aan de Europese begrotingsregels voldoet.

Bron