In de Straat van Hormuz ontstaat steeds duidelijker een informeel, maar strak gecontroleerd doorgangssysteem, waarin Iran bepaalt welke schepen mogen passeren.
Veiligheidsexperts in de Golf zeggen tegen de NOS dat de scheepvaart in de waterweg alleen nog in nauwe coördinatie met Iraanse autoriteiten verloopt, en dat daar flink voor wordt betaald.
Selectieve toegang
Een deel van de schepen lijkt relatief vrij door te varen, terwijl andere partijen vertraging oplopen of de Perzische Golf simpelweg mijden. Vooral Chinese tankers bewegen zich opvallend soepel door de zeestraat, en ook India zou afspraken hebben gemaakt met Teheran.
Iran bevestigt zelf dat de toegang selectief is geworden. In een verklaring bij de Verenigde Naties stelt het land dat alleen "niet-vijandige" schepen veilige doorgang krijgen, en dan alleen "in coördinatie met bevoegde Iraanse autoriteiten." Welke regels daarbij precies gelden, blijft onduidelijk.
De cijfers onderstrepen hoe uitzonderlijk de situatie is. Waar voor de oorlog gemiddeld zo'n 120 schepen per dag door de Straat voeren, zijn dat er nu nog maar een handvol. Op sommige dagen worden slechts vijf passages geregistreerd, volgens maritiem inlichtingenbedrijf Windward. De scherpe terugval heeft geleid tot de grootste verstoring van de wereldwijde energiemarkt in decennia.
Die verstoring is inmiddels ook zichtbaar aan de pomp en op de markten. De olieprijs schoot de afgelopen weken ruim boven de 100 dollar per vat uit en analisten waarschuwen dat verdere escalatie de prijs richting 150 dollar of zelfs hoger kan duwen. Omdat normaal zo'n vijfde van alle olie en lng via de Straat van Hormuz gaat, heeft elke beperking direct wereldwijde gevolgen.
Dat er daadwerkelijk wordt betaald voor doorgang, krijgt inmiddels voorzichtige bevestiging uit Iran zelf. Een parlementariër zei zondag op de Iraanse televisie dat sommige schepen zo'n 2 miljoen dollar betalen om de Straat te mogen passeren.
Volgens hem laat dat zien dat Iran een "nieuw concept van soevereiniteit" heeft gevestigd over de waterweg. Onafhankelijke bevestiging van die bedragen is er niet, maar het sluit aan bij wat diplomatieke en maritieme bronnen in de regio al langer signaleren.
Veiligheidsexpert Sayed Ghoneim, verbonden aan het Institute for Global Security & Defense Affairs in Abu Dhabi, ziet een duidelijk patroon. "Iran is inderdaad bezig met het opzetten van een gecontroleerd doorgangsysteem in de Straat van Hormuz, maar niet officieel", zegt hij tegen de NOS. "Het gebeurt via veiligheidscontrole, stilzwijgende afspraken en een selectieve benadering van wie mag passeren."
Volgens Ghoneim is het geen formeel systeem zoals het Suezkanaal, maar een vorm van feitelijke controle, versterkt door de oorlog. "Iran gebruikt de Straat al decennia als geopolitiek instrument, maar gaat nu een stap verder omdat het minder bang is voor de internationale reacties."
Voorkeursbehandeling en geopolitieke ruil
Dat selectieve karakter is ook zichtbaar in de praktijk, zegt Samir Madani, oprichter van TankerTrackers.com, een maritiem inlichtingenbedrijf dat olievervoer volgt. "Elf tankers die vallen onder de sanctieregels tegen Iran zijn sinds het begin van de oorlog de Golf binnengevaren", zegt Madani tegen de NOS.
Dit gaat om lege tankerschepen die olie op komen halen in de Perzische Golf. "Een recent voorbeeld is de aan China-gelieerde tanker Ocean Jewel", zegt Madani, die op 24 maart probleemloos de Straat passeerde.
Grote rederijen zoals het Chinese Cosco hervatten inmiddels voorzichtig hun activiteiten richting de Golf. Westerse schepen opereren voorzichtiger. Europese en Amerikaanse rederijen kiezen vaker omwegen, militaire escortes of ze accepteren vertragingen bij het naderen van Iraanse wateren.
Ook politiek wordt de toegang tot de Straat steeds nadrukkelijker ingezet. Volgens Amerikaanse en Arabische functionarissen gaf Iran recent toestemming voor de doorgang van enkele tankers als gebaar richting Washington, in het kader van mogelijke onderhandelingen. President Trump noemde het "een zeer groot cadeau, ter waarde van een enorme hoeveelheid geld". Daarmee wordt de scheepvaart onderdeel van geopolitieke ruil.
Ghoneim spreekt van "sterke aanwijzingen" voor informele coördinatie met landen als China en India. "China heeft diepe economische en veiligheidsbanden met Iran, en India is historisch afhankelijk van Iraanse olie. Het is logisch dat hun schepen een voorkeursbehandeling krijgen."
'Doorgangsheffing zoals in Suez'
Op de achtergrond speelt ook nog een ander scenario. In maritieme en diplomatieke kringen in de Golf wordt gespeculeerd dat Iran na de oorlog mogelijk officiële doorgangsheffingen wil invoeren, vergelijkbaar met het Suezkanaal. Vooralsnog kan dat niet openlijk, zegt Ghoneim. "Dat zou een schending zijn van het internationaal recht en een directe aanleiding voor militair ingrijpen."
De oorlog heeft Iran in elk geval strategische voordelen gegeven. Met minder controle vanuit de Golfstaten is Teheran momenteel de dominante speler in een van de belangrijkste zeestraten ter wereld.