In de Hongaarse hoofdstad Boedapest zijn tienduizenden mensen op de been om hun steun uit te spreken voor ofwel premier Orbán ofwel zijn grootste uitdager, oppositieleider Magyar. Dat doen ze vanwege een nationale feestdag: de revolutie in 1848 wordt herdacht.
Belangrijk onderdeel daarbij is een zogeheten Vredesmars, waarbij onder anderen de premier en toespraak houdt. Met de verkiezingen in zicht draaide de feestdag vooral om verkiezingsretoriek.
Orbán en Magyar riepen de afgelopen dagen allebei hun achterban op om deel te nemen aan een optocht. Ze willen hiermee laten zien hoe groot hun aanhang is. De alternatieve mars van Magyar noemde hij "de Nationale Mars".
Over vier weken zijn er verkiezingen in Hongarije. Orbán is al sinds 2010 onafgebroken aan de macht, maar Magyar kan daar verandering in brengen. Hij gaat in de meeste opiniepeilingen aan kop.
De 44-jarige politicus komt oorspronkelijk uit de partij van Orbán zelf, Fidesz, maar bindt nu de strijd met hem aan als leider van de Tizsa-partij.
Oekraïne als tegenstander
In die felle verkiezingsstrijd schuwt Orbán ook harde uithalen richting buurland Oekraïne niet. Volgens critici gebruikt Orbán Oekraïne als middel om angst te zaaien. Volgens de premier vormt het land een groter gevaar dan Rusland.
In een toespraak vandaag verwees Orbán daar opnieuw naar. "We moeten beslissen wiede regering zal moeten vormen: ik of Zelensky", zei hij. Ook andere thema's die hij aansneed gingen vooral over externe dreigingen voor Hongarije.
Daarna kwam de grote menigte Magyar-aanhangers aan op een ander plein in de stad. De twee groepen troffen elkaar niet.
Magyar beloofde zijn toehoorders dat hij een eind wil maken aan de verdeeldheid in het land. Ook benadrukte hij dat mensen die niet op hem stemmen niet als verrader zullen worden bestempeld.