Schenden de VS en Israël met hun aanvallen op Iran het internationale recht? Ja, zeggen veel deskundigen. "Amerika en Israël hebben de hoeksteen van de internationale rechtsorde aangevallen, namelijk het geweldsverbod", aldus universitair hoofddocent Marieke de Hoon. "Dat verbiedt een aanval op de soevereiniteit en de territoriale integriteit van Iran."

Het huidige Iraanse atoomprogramma vormt daar volgens haar geen uitzondering op. "Het geweldsverbod kent twee uitzonderingen die nu niet van toepassing zijn. Zo is er geen resolutie van de VN-Veiligheidsraad en het is ook geen rechtvaardige uitoefening van het recht op zelfverdediging."

Daarvoor zou Iran een aanval moeten hebben uitgevoerd of had daar een onmiddellijke dreiging voor moeten zijn, zegt De Hoon. "En dat is nu niet het geval. Het is niet zo dat Iran op het punt stond een nucleaire aanval uit te voeren op Israël, de VS of andere landen."

Hoogleraar internationaal recht Larissa van den Herik sluit zich daar bij aan. Alleen met toestemming van de VN-Veiligheidsraad of bij een directe dreiging mogen landen elkaar aanvallen, zegt zij. En ook volgens haar gaat de claim van zelfverdediging door de VS en Israël niet op.

Vleugellam door veto's

Daarom veroordelen de Verenigde Naties de aanval op Iran. Die Verenigde Naties zijn de belichaming van het internationaal recht zoals dat in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog vorm kreeg. Het waren vooral de vijf winnaars van de oorlog en tevens permanente leden van de VN-Veiligheidsraad (de VS, Rusland, China, het VK en Frankrijk) die bepaalden hoe het internationaal recht eruit kwam te zien.

En dat raakt de kern bij de vraag of het internationaal recht nog wel werkt bij internationale conflicten en oorlogen. Dat doet het alleen als de VN-lidstaten dat willen. En dan vooral als de vijf permanente leden van de VN-Veiligheidsraad dat willen.

Dit orgaan met vijftien leden is verantwoordelijk voor de handhaving van de internationale vrede en veiligheid. Volgens het internationaal recht moeten alle VN-lidstaten zich houden aan de resoluties van de Veiligheidsraad. En daar zit het probleem: de afgelopen tachtig jaar zijn er talloze resoluties gestrand omdat een van de vijf permanente leden zijn veto uitsprak.

Door een oorlog op het Europese continent en een allesvernietigende oorlog in Gaza springen die veto's de laatste jaren meer en meer in het oog. Rusland houdt ze tegen in het geval van de oorlog in Oekraïne. En op zijn eigen resolutie na torpedeerde Amerika alle eerdere Veiligheidsraadresoluties die opriepen tot een onmiddellijk staakt-het-vuren in de Gazastrook. De veto's maken de VN-Veiligheidsraad zo goed als vleugellam.

Trumps nieuwe wereldorde

Met een soort shocktherapie creëert Trump zijn nieuwe wereldorde. Een wereldorde waarin wel plek is voor de door hem onlangs opgerichte Vredesraad als alternatief voor de VN, met steun van voornamelijk autocratische landen, maar waar minder plaats is voor het internationaal recht. Zo bleek ook begin dit jaar bij de ontvoering van de Venezolaanse dictator Maduro.

En met de aanval van de VS en Israël op Iran verzuchten steeds meer politici en volkenrechtdeskundigen dat het internationaal recht er niet meer toe doet. Tegelijk zal de overgrote meerderheid van de Iraanse bevolking er geen traan om laten dat het internationaal recht nu naar de letter wordt geschonden.

Westerse politici wijzen erop dat we hier met een moorddadig regime te maken hebben, dat al decennialang zijn eigen bevolking en mensen ver daarbuiten terroriseert. Dat doet ook minister Berendsen van Buitenlandse Zaken, die daarom zegt dat de Nederlandse regering begrip heeft voor de Amerikaanse en Israëlische aanvallen.

Hoopvol

Ook hoofddocent internationaal recht De Hoon spreekt van een vreselijk regime in Iran. Tegelijkertijd vindt ze het heel zorgwekkend dat terwijl de VS en Israël in haar ogen "agressie plegen tegen de internationale rechtsorde, er landen zoals Nederland zijn die dat niet veroordelen en wegkijken".

Volgens haar schept het een gevaarlijk precedent voor toekomstige internationale conflicten en roept het vooral een gevoel van een dubbele standaard op. En dat vooral bij niet-westerse landen.

"Toen Trump Groenland dreigde te annexeren, sloten westerse landen de rijen tegen zijn plan en hadden ze de mond vol van territoriale integriteit. Dat was erg hoopvol", vindt De Hoon. "Maar een paar weken later in het geval van Iran lijkt dat er allemaal niet meer toe te doen. Daardoor zeggen landen in het mondiale zuiden dat het Westen niet is te vertrouwen. Volgens hen meet dat met twee maten."

De vraag is of het internationaal recht wel werkt als landen zich er niets van aantrekken. "Als we nu met elkaar afspreken dat het internationaal recht er niet meer toe doet, dan geven we Trump, Rusland en China een vrijbrief om te doen wat ze al doen", zegt Van den Herik. Daarom pleit ze ervoor dat "Nederland en Europa met andere landen samen om de Verenigde Naties heen gaan staan" om die organisatie en daarmee het internationaal recht zo veel mogelijk te stutten.

Bron