De legendarische razende Radio Rijnmondreporter Jack Kerklaan (65) is dood.

De verslaggever was wereldberoemd in Rotterdam en omstreken doordat hij live op de radio de ene na de andere onnavolgbare uitspraak deed. Hij overleed aan de gevolgen van prostaatkanker, meldt Rijnmond.

Kerklaan hoorde met zijn platte Rotterdamse tongval zo bij Radio Rijnmond dat veel mensen dachten dat hij er altijd al had gewerkt. Maar de Schiedammer begon ooit als verslaggever bij de VARA, gewoon in Hilversum.

Het was toenmalig hoofdredacteur Nico Haasbroek die hem in 1983 naar Rotterdam haalde. De twee waren het over een ding eens: de toen nog nieuwe regionale omroep moest vooral niet klakkeloos kopiëren wat er in het Gooi werd gedaan. Het moest rauwer, Rotterdamser. En met meer humor.

Op de motor

Radio was in die tijd nog hét medium. De televisie zond weinig live uit, de krant was de avond tevoren al 'gesloten'. Dus kon Kerklaan snel zijn, zeker op de motor, waarmee hij vliegensvlug door het stadsverkeer manoeuvreerde.

Kerklaan was niet alleen snel. Taal was het speelgoed, waarmee hij zich eindeloos kon vermaken. In de ogen van Jacobus Ferdinandus Kerklaan (JFK) moest je altijd "oppassen met uitkijken". Zaken waren soms 'helemaal uit de klauwen geëscaleerd'.

Geven konijnen licht?

"Ieder gesprek op de radio droeg zijn stempel", memoreert collega Paul Verspeek. "Zoals bij de grote brand bij een chemisch opslagbedrijf in de Rotterdamse haven in 1996. In het gortdroge rapport dat later over de brand verscheen, stond ook een kritische kanttekening. Een verslaggever had bij de bewoners geïnformeerd naar de gevolgen van de brand. Met de vraag "of de konijnen al licht gaven". Dat was Jack geweest."

Volgens JFK lag het nieuws op straat. Dus daar was hij te vinden. Soms bracht hij het nieuws zelf. Zo hoorden bewoners van de Rotterdamse wijk Heijplaat begin jaren negentig van hém en niet van bestuurders dat hun huizen niet gesloopt zouden worden. Live op de radio.

Kerklaan maakte er daarbij geen geheim van wat hij van bestuurders dacht, "Als ik een bestuurder wil horen met een mening bel ik wel een taxi", noteerde JFK in zijn notitieboekje.

Klopt geen snars van

Kerklaan was ook niet te beroerd om (technische) fouten van collega's te herstellen. Zo meldde Rijnmond ver voordat Jules Deelder echt doodging (in 2019) al een keertje abusievelijk dat hij zou zijn overleden. "Klopt geen snars van", reageerde Kerklaan. "Ik heb Jules gisteravond nog springlevend gezien."

Met de mobiele radiozender om de schouder toog Kerklaan naar het huis van Deelder. "Jules, ben je dood?", riep hij een paar keer door de brievenbus. Het duurde even, maar toen kwam het antwoord. ""Ik ben niet dood", schreeuwde Deelder live en duidelijk hoorbaar op de radio. "Flikker op, man!"

Ruim twee jaar geleden meldde Rijnmond dat Kerklaan uitgezaaide prostaatkanker had. De oncoloog gaf hem nog vijf jaar. Op medelijden zat hij niet te wachten. "Het leven is net een schaal met bitterballen," zei hij. "Op het laatst blijft er altijd eentje steenkoud liggen."

Bron