De Amerikaanse president Trump is niet van plan te stoppen met importheffingen voor andere landen. Hij wil wereldwijd een nieuwe heffing van 10 procent opleggen, liet hij weten op een persconferentie. Die nieuwe heffing komt in plaats van de heffingen die het Amerikaanse Hooggerechtshof vandaag ongeldig heeft verklaard.
Tijdens een persbijeenkomst in het Witte Huis reageerde Trump teleurgesteld en verontwaardigd op de beslissing van het Hooggerechtshof. Hij noemde die beslissing "verschrikkelijk" en "een schande voor de natie". De zes rechters die voor de beslissing waren, zijn volgens de president "gekken en schoothondjes van de radicaal linkse Democraten".
Volgens de Amerikaanse president heeft hij sinds vorig jaar de inkomsten uit de importheffingen ingezet voor het beëindigen van oorlogen en de strijd tegen de drug fentanyl.
'We hebben alternatieven'
Trump waarschuwde dat de beslissing van de rechters hem in de richting drijft van een nog krachtiger heffingenbeleid. Hij wil daarvoor gebruik maken van een andere wet dan de IEEPA-noodwet uit 1977 die hij tot nu toe gebruikte en wat volgens het Hooggerechtshof dus geen goede grond is.
Er zijn volgens Trump nog andere wetten die voldoende mogelijkheden bieden om nieuwe heffingen op te leggen aan andere landen. "We hebben alternatieven", zei de president. "Geweldige alternatieven."
Voor de wereldwijde 10-procentheffing wil Trump nu al terugvallen op een handelswet uit 1974, sectie 122. Met die wet kan Trump alsnog snel importheffingen opleggen, maar slechts voor 150 dagen. Over verlenging daarna zou het Congres dan moeten beslissen.
Daarnaast is er nog een handelswet uit 1962 die Trump ook mogelijkheden biedt als de nationale veiligheid in het geding is.
'Onmiddellijk van kracht'
Ook wil hij "verschillende nieuwe heffingen" opleggen op basis van sectie 301 van de wet uit 1974. Die gaat over oneerlijke handelspraktijken. Die heffingen zullen onmiddellijk van kracht worden, zei Trump op de persconferentie.
"Om ons land te beschermen, kan een president in feite meer invoerrechten heffen dan ik in het afgelopen jaar heb gedaan", aldus de president.
Afgezien van de 150 dagen-heffing volgens sectie 122 kan Trump de wetten uit 1974 en 1962 niet zomaar inzetten. Sommige van de artikelen uit die handelswetten staan de president inderdaad toe extra heffingen op te leggen, maar dat kan alleen na een onderzoek door de Amerikaanse handelsvertegenwoordiging (een agentschap van de regering) en het ministerie van Handel.
Die zouden dan bijvoorbeeld moeten nagaan of er inderdaad sprake is van oneerlijke handelspraktijken of een bedreiging voor de nationale veiligheid.
Terugbetalingen
In het vragenrondje na de persconferentie gaf Trump aan dat het nog niet duidelijk is of er terugbetalingen aan andere landen zullen plaatsvinden, nu het Amerikaanse Hooggerechtshof een streep heeft gehaald door zijn huidige invoerheffingen.
Er is al voor tientallen miljarden aan heffingen geïnd sinds vorig jaar. De Universiteit van Pennsylvania schat dat totaalbedrag op 175 miljard dollar. "Het kan jaren duren om die kwestie juridisch uit te vechten", aldus Trump.