Het was haar droom, al twaalf jaar: een mooie grote lingeriezaak in Drachten. Maar in 2019 daalden de omzetten, en begin 2020 kwamen corona en de lockdown. "De omzet daalde tot bijna nul", zegt Tina Storteboom. "Mijn boekhouder zei toen: Tien, we moeten stappen ondernemen. Als je doorgaat, is het een zinkend schip. Toen heb ik besloten de stekker eruit te trekken. Want ik wilde per se niet failliet gaan."

Ze is niet de enige. Steeds meer ondernemers stoppen met hun zaak, blijkt uit gegevens van de Kamer van Koophandel en het Centraal Bureau voor de Statistiek. In 2020 werden zo'n 140.000 bedrijven opgeheven. Een jaar eerder waren dat er nog 114.000.

"Vooral in het derde en vierde kwartaal zie je een stijging van het aantal stoppers", zegt Erik Stam, hoogleraar strategie, organisatie en ondernemerschap aan de Universiteit Utrecht.

Een duidelijk corona-effect, zegt hij. "Het is beter dat deze ondernemers op tijd stoppen en niet door de lange en nare faillissementsprocedure hoeven, met alle gevolgen van dien."

Ook Storteboom wilde een faillissement koste wat het kost voorkomen. Want failliet betekent volgens haar: waarschijnlijk drie jaar in de schuldsanering zitten, dat het gezin moet rondkomen van 50 euro per week en dat je nog jaren wordt achtervolgd door mensen die recht hebben op geld. Dat wilde ik voorkomen."

Daarvoor moest ze overigens wel het eigen huis verkopen, waarin ze woonde met man en drie kinderen. "Dat was heel zwaar. Daar woonden we al 21 jaar en waren we heel trots op. En nu zitten we tijdelijk in een huurhuis. In mei moeten we waarschijnlijk weer verhuizen. Geen idee waarheen."

En vooral de kinderen hebben het daar erg zwaar mee. "We hebben de situatie vorige week weer met elkaar besproken. De kinderen waren erg verdrietig", zegt ze met een brok in de keel. "Die hebben net vriendjes hier, die willen eigenlijk niet weg."

"Ik heb het er ontzettend moeilijk mee. Nu helemaal, nu de winkel gesloten is. We hebben alles verloren. We hebben niks meer, alleen elkaar. Het hele fundament dat we de afgelopen jaren hebben opgebouwd, is eigenlijk in één keer weg", zegt ze vanochtend in het NOS Radio 1 Journaal.

De zwaarste dobber in deze periode was het moment dat Tina Storteboom het besluit moest melden aan haar personeel. Ze neemt het woord 'vriendinnen' in de mond. Ze dacht dat zij die al negen of twaalf jaar bij haar werkten, een soort vriendinnen waren.

Maar de sfeer sloeg enorm om. "Heel naar. Ineens was ik toch gewoon de werkgever en stonden we - letterlijk - tegenover elkaar in de winkel. Maar ik kon niet anders. Ik had iets meer empathie verwacht. Hoe vervelend ook, zij krijgen een uitkering, een transitievergoeding. Maar voor ondernemers is er totaal geen regeling. Niks."

Waarom wil ze dit verhaal vertellen? "Ik wil ondernemers waarschuwen: stop niet te veel eigen geld in de zaak. Dan heb je straks helemaal niets meer als het verkeerd afloopt. Durf het besluit te nemen om op tijd te stoppen, voordat je diep in de schulden raakt. Wees niet de stoere ondernemer. Durf open te zijn, stel je kwetsbaar op. Dan krijg je meer begrip van mensen om je heen."

Bron