Twee 25-jarige mannen zijn veroordeeld tot 20 en 15 jaar cel voor een poging twee personen te liquideren in 2016 in Amsterdam. Een van hen, Abderrahmane el B., is ook schuldig bevonden aan een poging tot moord op twee mannen in 2014 in Almere en aan de voorbereiding van een liquidatie in 2017. Hij krijgt daarom de hoogste gevangenisstraf.

De rechtbank acht bewezen dat de beide veroordeelden, Abderrahmane el B en Zakaria Z., medeverantwoordelijk zijn voor de aanslag op een auto met daarin twee mannen in Amsterdam Nieuw-West in april 2016. De auto werd daarbij vanaf een scooter onder vuur genomen met een automatisch wapen. Een van de inzittenden was de Amsterdamse crimineel Nourdine 'Hitler' A.. De aanslag mislukte omdat het wapen haperde.

Moordpogingen

De rechtbank stelde op basis van afgeluisterde gesprekken vast dat El B. ook een aandeel heeft gehad in een mislukte moordpoging in Almere. In 2014 ontplofte in die stad een explosief onder een rijdende auto en werden de inzittenden onder vuur genomen met onder meer een automatisch wapen.

De rechtbank acht bewezen dat de veroordeelde in de vluchtauto zat, die hij later in brand heeft gestoken. Op basis van het dossier is niet duidelijk of hij ook geschoten heeft. Daarom is hij veroordeeld tot medeplichtigheid aan de moordpoging.

El B. was verder betrokken bij de voorbereiding van een verijdelde liquidatie in 2017. Hij had volgens de rechter een groot aandeel in het vooroverleg, de planning en het maken van afspraken, aldus NH Nieuws.

Onderwereldoorlog

De rechtbank rekent het beide veroordeelden zwaar aan dat zij een belangrijk aandeel hebben gehad in misdrijven die voortkomen uit een aanhoudend conflict tussen criminele groeperingen. Het "extreme en roekeloze geweld dat met het conflict gepaard gaat, zorgt voor enorme onrust in de maatschappij, onder andere in Amsterdam, waar steeds vaker zeer gewelddadige incidenten voorkomen", aldus de rechtbank.

De mislukte liquidatiepoging van de twee mannen komt voort uit een ruzie tussen criminele bendes die in 2012 begon na een conflict over drugs.

Bron